Product Honing

 

 

De geneeskundige werking van honing wordt hier niet besproken. Alles hierover kunt u vinden in het artikel: bijengeneeskunde.   

Honing is sinds mensenheugenis en internationaal het meest bekende bijenproduct. Honing is één van de oudste door de mens gebruikte voedingssupplementen. Honing kan als zoetmaker worden gebruikt in plaats van biet- of rietsuiker. Voor de meeste mensen is het nu haast ondenkbaar dat honing tot recent in de menselijke geschiedenis (in Nederland ca. 1600 komst van rietsuiker en ca. 1800 intrede van de bietsuiker), als enige zoetstof voor mensen beschikbaar was.

 

De eerste relatie van mens en honingbijen dateert uit het mesolithicum, de periode die begint na het einde van de laatste ijstijd rond 10500 v. Chr. Dit weten wij naar aanleiding van gevonden grottekeningen van Bicorp bij Valencia in Spanje en gevonden potscherven met bijenwas ten zuiden van Centraal-Anatolië uit 7000 – 6000 v. Chr.
Ook is bekend dat boeren in het huidige Europa, Azië en Noord-Afrika al 9000 jaar geleden bijenproducten met name bijenwas verwerkten. Het is niet bekent of zij rond die periode ook bijenvolken hielden of manipuleerden.
Veel bekender zijn de hiërogliefen van bijen gebeiteld in stenen platen en muren van gebouwen uit het oude Egypte rond 3000 v.Chr. De lokale honingbij werd toen het symbool van de farao. De oude Egyptenaren waren de eersten die kunstmatige nestgelegenheden (kleicilinders als bijenwoningen) aanboden voor de bijen. Dat begon omstreeks 2450 v.Chr, in Azië begon dat omstreeks 300 v.Chr.

Honing is in feite, naast stuifmeel het voedsel van bijen. Honing is een puur, natuurlijk en hoogwaardig voedingsmiddel, die lichtverteerbaar is en tevens bruikbaar is als genees- en schoonheids- middel. De bijen produceren honing uit verzamelde nectar of in veel mindere mate uit andere plantensappen, die zij gezamenlijk indikken en hierbij de honing verrijken door er (lichaamseigen) enzymen aan toe te voegen, om het vervolgens in raten op te slaan. Om 1 druppel honing te produceren moet een bij wel tientallen of honderden keren uitvliegen, waarbij gedurende elke vlucht tientallen tot honderden bloemen bezocht worden. Smaak, geur en kleur van honing variëren al naar gelang de soort bloemen waar de nectar uit is gewonnen: zo bestaan er bijvoorbeeld lindehoning, lavendelhoning, rozenhoning en klaverhoning. De honing die in Nederland wordt gewonnen is meestal afkomstig van meerdere bloemsoorten. Honing kan snel of minder snel kristalliseren. De honing krijgt hierbij dan wel een andere structuur, maar de kwaliteit blijft gelijk.

De bijen zorgen van nature voor een overmaat aan voedselvoorraad om de wintermaanden te kunnen overbruggen. De imker haalt de honing uit de volken. Alvorens een imker de honing uit de bijenkasten haalt, dient hij zich er van te vergewissen dat de honing "rijp genoeg" is. Dat wil zeggen dat de honingraten verzegeld dienen te zijn.
Door indampen wordt het vochtgehalte van de nectar teruggebracht tot 20%. De cellen worden afgesloten met een waszegeltje. De honing kan nu niet meer bederven. Als nectar door de bijen is verwerkt tot honing en verzegeld in de raat zit, kan de imker gaan oogsten. Hij ontdoet de raat van de waszegeltjes, slingert de honing uit de raat en laat deze door een zeef lopen om wasdeeltjes te verwijderen. De honing is nu klaar voor consumptie.
De term 'koudgeslingerd' betekent dat de imker de honing niet heeft verwarmd tijdens het slingeren. Eigenlijk is dit onzin omdat warm slingeren niet mogelijk is doordat de wasraten bij verwarming zullen smelten.
Tijdens het verwerkingsproces van honing, is het verwarmen van de honing om het vloeibaarder te maken bij de meeste Nederlandse imkers taboe. Verwarmen van de honing gaat namelijk ten koste van de kwaliteit van de honing, daar de aanwezige enzymen zullen worden gedood.

Wil men dan toch de honing vloeibaar maken dan is een elektrische pan van Lidl hiervoor zeer geschikt. Dit is een zogenaamde Jam/fruit pan.

In honing zit een combinatie van fructose en glucose, daarnaast bevat het een kleine hoeveelheid enzymen, pollen en sporenelementen. Honing heeft een ontsmettende en vochtonttrekkende werking en wordt daarom wel gebruikt bij de behandeling van wonden. De belangrijkste bestanddelen van honing, afhankelijk van de samenstelling meer of minder, zijn:

 

  1. Suikers (80%)
    • meervoudige suikers
    • druiven suikers (glucose)
    • vruchtensuiker (fructose)
  2. Enzymen 
    • glucose-oxydase
    • fosfaten
  3. Vitamines
    • nicotinezuur (PP-factor)
    • pantotheenzuur
    • ascorbinezuur (vit. C)
    • thiamine (B1)
    • ribofavine (B2)
    • pyridoxine (B6)
    • biotine (H)
    • Foliumzuur
  4. Mineralen
    • magnesium
    • kiezelzuur
    • fosfor
    • zwavel
    • mangaan
    • silicum
    • kamium
    • natrium
    • calcium
    • koper
    • ijzer
    • chloor
  5. Zuren
    • pyroglutminezuur
    • fosforzuur
    • citroenzuur
    • zoutzuur
    • azijnzuur
    • melkzuur
    • succinezuur
    • gluconzuur
  6. Aminozuren
  7. Hormonen
    • acethylcholine
    • groeistoffen
  8. Inhibine Belemerd ontwikkeling van bacterie
    • osmose
    • arbutine
    • waterstof-superoxide
    • penicilline B
    • andere bactericiden
  9. Aromastoffen. In totaal meer dan 50 waaronder
    • formaldehyde
    • acethaldehyde
    • aceton
    • diacethyl


Honing bestaat voor een groot deel uit suikers, een klein deel water en verder organische verbindingen en enzymen. Voor de antimicrobiële werking zijn een aantal factoren uit honing verantwoordelijk:

  1. De suikers in de honing zelf; door de hoge suikerconcentratie is er weinig wateractiviteit waardoor bacteriën niet kunnen groeien
  2. Waterstofperoxide, dat ontstaat bij de omzetting van glucose in gluconzuur in aanwezigheid van wat vocht door de werking van glucose-oxidase; dit enzym is afkomstig uit de voedersapklieren van de bij
  3. Bacteriegroei wordt flink geremd door het zure milieu van honing (pH = 3,5); gluconzuur creëert aanvullend een zuur wondmilieu
  4. Methylglyoxaal (MGO), een stof die in hoge concentraties in Manukahoning voorkomt (maar in geen enkele andere soort honing)
  5. Bee defensin-1, recentelijk gevonden door Kwakman en collega's (maar niet aangetroffen in Manukahoning). Bee defensin-l, is een klein eiwit dat daarom wordt gerekend tot de groep van de peptiden. Vanwege zijn werking wordt bee defensin-l tot de AntiMicrobiële Peptiden (AMP), gerekend. Deze stoffen beschermen het lichaam tegen lokale infecties. De AMP's zijn heel belangrijk voor bijen omdat die net als alle insecten alleen een aangeboren immuunsysteem kennen en geen immuunsysteem voor de afweer van pathogene bacteriën, dat pas in werking treedt na contact met de ziekteverwekker.


In principe kun je voor elk recept waarin suiker voorkomt honing gebruiken. Je dient dan 100 gram suiker te vervangen door 75 gram honing.

Cremehoning
Is een zeer gewaardeerde lekkernij die net zo makkelijk smeert als bijvoorbeeld hazelnootpasta en geen harde of suikerachtige kristallen bevat.
Behandeling: Meteen na het verwijderen van de verontreinigingen roer je de honing twee maal per dag gedurende een paar minuten met bv. een honingmenger die op de boormachine past. Na zo’n 14 dagen is de honing uiterst fijn gekristalliseerd en geschikt om in potten te doen. De honing is nog net vloeibaar en komt als een witte slagroom uit het aftapvat

Honing wordt onder andere ook gebruikt voor Honingbonbons, Honingdrop, Mede, Huidcreme en Honingzeep.

Heb je last van mieren bij een geopend honing potje. Zet er dan een potje/busje kaneelpoeder naast. De mieren hebben een hekel aan de geur van de kaneelpoeder en blijven daardoor weg.

 

Honing recepten:

Spareribs met zoete honingketjapsouce.

Ingredienten:
•    1 kilo spareribs
•    4 eetlepels honing
•    3 eetlepels ketjap manis
•    4 eetlepels ketchup
•    4 eetlepels bruine basterdsuiker
•    1 grote ui
•    2 teentjes knoflook
•    1 eetlepel chilisaus

Bereidingswijze:
Snijd de ui en de teentjes knoflook fijn.
Meng de honing, ketjap, ketchup, bruine basterdsuiker, chilisaus, de gesneden ui en knoflook door elkaar.
Smeer de spareribs goed in met het marinade mengsel.
Leg het geheel in een ovenschaal.
Zet het in de oven, op de op een na onderste stand.
Stel de oven in op 200 graden Celsius.
Na ongeveer een uur heb je heerlijke spareribs.
Je kan ook eerst de spareribs garen vooraf en dan pas insmeren met het marinademengsel en dit 24 uur in laten trekken.
Als ze vooraf gegaard zijn dan moeten ze korter in de oven.